Schermafbeelding 2019-10-30 om 10.36.10

Rasportret: Shih Tzu

Diverse taken zorgden voor een grote diversiteit aan rassen. Ieder ras heeft zijn eigen specialiteit. Hoe zijn die rassen tegenwoordig, bijvoorbeeld als gezinshond? Welke karaktertrekken hebben ze, en waar blinken ze in uit? Deze keer een rasechte gezelschapshond, de Shih Tzu.

 

Geschiedenis van de Shih Tzu

Er wordt beweerd dat de Shih Tzu tot de vijftien oudste rassen ter wereld behoort. Lang voor het begin van onze jaartelling zouden er al Shih Tzu’s rondgehuppeld hebben in het Verre Oosten. Toch is er weinig bekend over hoe het ras is ontstaan en verder tot ontwikkeling is gekomen. Aangenomen wordt dat de vroegste oorsprong van het ras in Tibet ligt waar het door monniken in de kloosters werd gefokt. In Tibet werden deze leeuwhondjes, toen Apso’s genaamd, gezien als heilig en uitermate waardevol. In de dertiende eeuw berichtte de ontdekkingsreiziger Marco Polo over kleine leeuwhondjes die door de Mongoolse keizer Kubla Khan werden gehouden in gezelschap van echte leeuwen. Ten tijde van het Hemelse Koninkrijk, zou de hond in China terecht zijn gekomen als een respectvol geschenk van de Dalai Lama aan de keizer. Ook aan het hof van China waren toen al eeuwenlang leeuwachtige hondjes aanwezig. De leeuw was daar toentertijd het symbool voor macht en zege. Mogelijk waren het veelal Pekingeesachtige honden en die zullen naar alle waarschijnlijk volop gekruist zijn met de Apso’s uit Tibet. Niets is echter met zekerheid vast te stellen omdat de hondjes uitsluitend gehouden werden in de zoge-naamde ‘verboden stad’, het keizerlijk paleis dat vrijwel hermetisch afgesloten werd gehouden van de rest van het land en de wereld. Het volk mocht deze honden ook niet bezitten, dat privilege was voorbehouden aan de keizer en zijn gevolg. De honden hadden er overigens een leven als god in Frankrijk.

Ze sliepen op zijden kussens, hadden een hele schare eunuchen als bedienden en kregen het beste van het beste te eten van porseleinen schotels. Als tegenprestatie amuseerden zij hun meesteressen met kunstjes en trucjes.

 

Met name de laatste keizerinweduwe, Tse-Si, was een groot liefhebster van de leeuwhond-jes. Omdat haar leven samenviel met het beëindigen van de isolatie van het Chinese Keizerrijk, zo omstreeks het einde van de negentiende eeuw, is er uit die tijd wat meer bekend. In 1903 werd de eerste westerlinge aan het hof toegelaten om een portret van de keizerinweduwe te schilderen. Deze Katharine Carl kreeg bij haar vertrek een leeuwhondje cadeau. Na de dood van de keizerinweduwe in 1908 werden de hondjes regelmatig cadeau gedaan aan vooraanstaande personen en rond 1928 verdwenen de hondjes geheel uit de keizerlijke kennels. Gelukkig waren er toen al een aantal Shih Tzu’s in handen gekomen van diverse mensen buiten de keizerlijke familie en ook al bij enkele westerlingen, want anders had dit heel makkelijk het einde van het ras kunnen betekenen. Met de kennis die men verkreeg over de selectiecriteria aan het Chinese hof besloot begon men gericht te fokken. De officiële naam Shih Tzu ontstond echter pas later. Eerst hebben ze nog bekend gestaan als Lhasa Lion Dog, Chrysantenhond en Apso. Pas in 1934 maakte de Britse Tibetan Breed Association een eind aan de verwarring door te besluiten dat de honden met hoge benen en een lange(re) snuit de benaming Lhasa Apso kregen en die met korte benen en een kleine snuit de benaming Shih Tzu. Hoewel de Shih Tzu dus al een vrij oud ras is, werden ze pas in 1957 door de FCI erkend.

 

Karakter

Ooit werd de Shih Tzu door de Amerikaanse professor James Mumford omschreven als: ‘een scheutje leeuw, enkele theelepels konijn, een onsje huiskat, één deel hofnar, een drupje ballerina, een snufje oude man, een heel klein beetje bedelaar, een eetlepel aap, één deel baby zeehond en een toefje teddybeer, aangevuld met honden van Tibetaanse en Chinese afkomst’ (vrij ver-taald). En dat dekt de lading aardig. De leeuw zie je niet alleen terug in zijn houding die ronduit voornaam te noemen is. De Shih Tzu is, ondanks zijn geringe formaat ook een echte hond. Het is geen nerveus, kefferig schoothondje; integen-deel zelfs, hij beschikt over een uitermate stabiel karakter en behoorlijk wat zelfver-trouwen. Als je de Shih Tzu ziet rennen en springen herken je ogenblikkelijk het konijn. En dat rennen, springen en spelen doet hij ook graag. Hij kan zich in huis prima vermaken met allerlei, soms helemaal zelf uitgevonden, spelletjes. En als hij dan is uitgedold, transformeert hij in een heerlijke kroelkip wezen die zich behaaglijk op schoot van zijn baas oprolt en zich alle kriebelende vingers met genot laat welgevallen. Net als een kat, waar de meeste Shih Tzu’s overigens heel erg goed mee omgaan. Katten voelen zich vaak ook helemaal niet bedreigd door dit vriendelijke hondje en samen verzinnen ze soms de gekste spelletjes. Het is een heerlijk speelse hond met een ongecompliceerd karakter, die de lachers op zijn hand weet te krijgen met zijn malle apenstreken. Wat dat betreft stemt zijn karakter niet echt overeen met zijn wat arrogante en nuffige uiterlijk, waar je dan weer de ballerina in terug kunt zien. Die arrogantie is er echter alleen voor degenen die niet verder kijken dan hun neus lang is. Kijk eens goed en je ziet een ziet een zeer vriende-lijke uitdrukking in zijn grote kijkers. Als een oud mannetje kan de Shih Tzu soms bedacht-zaam de hele wereld in ogenschouw nemen en rustig een situatie beoordelen. Tegenover vreemden zijn de meeste Shih Tzu’s erg vriendelijk, al kan een enkeling in eerste instantie ietwat gereserveerd blijken te zijn. Maar als hij je mag dan pakt hij je met een strik er bovenop. Hij is voor de meeste mensen minstens zo aantrekkelijk als een Teddybeer en zelfs notoire hondenhaters kunnen vaak moeilijk weerstand bieden aan dit kleine pakketje charmante persoonlijkheid. Zijn motto: ‘een vreemde is een vriend die je nog niet eerder ontmoet hebt’. Toch is hij niet helemaal ontdaan van waakse kwaliteiten. Hij is alert en levendig, ziet en hoort alles en zal even aanslaan als hij onraad vermoed, maar daar blijft het dan ook wel bij. Ook voor de kinderen kan de Shih Tzu een prima kameraadje zijn. Uiteraard moet het jonge grut wel geleerd worden dat het geen speelgoed is en dat hij niet bedoeld is om op te tillen en voortgesleept te worden. Hij hoort gewoon met zijn vier voeten op de vloer. Al met al is de Shih Tzu een prima huishond. Door zijn formaat is de Shih Tzu makkelijk overal mee naar toe te nemen en omdat het hondje over een groot aanpassingsvermogen beschikt, zal hij dat ook helemaal niet erg vinden. Alles is beter dan alleen thuis blijven, want de Shih Tzu heeft graag wat bedrijvigheid om zich heen. Hij hoort er echt helemaal bij. Voor een kennel is hij dan ook niet geschikt.

 

Opvoeding en training

Shih Tzu’s worden nog wel eens bestempeld als ongehoorzaam en eigenwijs. Dat zegt eerlijk gezegd meer over de eigenaar dan over de hond want het opvoeden van de Shih Tzu is echt niet zo’n moeilijke klus. Er zijn nog altijd mensen die denken dat zo’n ukkie geen training nodig heeft en daar weinig tot geen moeite voor doen. Tja, als de hond dan in een klein dictatortje verandert die precies doet waar hij zelf zin in heeft, dan heb je dat toch echt aan jezelf te danken. Gewoon niet te veel toegeven aan zijn ronde vraagogen in combinatie met zijn ernstig aandoende snor – wat hem hetzelfde knuffelgehalte als een baby zeehond geeft. Het zou niet uit moeten maken of hij 100 kilo of een paar pond weegt, een hond is een hond. De opvoeding van de Shih Tzu begint met een goede socialisatie. Net als ieder puppy moet hij leren hoe de wereld in elkaar steekt. En, net als ieder puppy, dient hij kennis te maken met andere honden. Daarbij dient niet te tuttig gedaan te worden, maar uiteraard moet hij wel in bescherming genomen worden tegen honden die te onstuimig met zo’n kleintje omgaan. Dat hoeft helemaal niet rot bedoeld te zijn van zo’n grotere soort-genoot, maar daar heb je wat aan als je uiteindelijk met een Shih Tzu blijft zitten die angstig is of zelfs angstagressie vertoont naar andere honden. Vaak een gevolg van niet tijdig ingrijpen als een andere hond er wat te wild mee omgaat.Als hij goed gesocialiseerd is en geen vervelende ervaringen heeft opgedaan in zijn jeugd, gaat de gemiddelde Shih Tzu open en sociaal met andere honden om, of ze nou groot of klein zijn.Een ander punt van aandacht is de zindelijkheidstraining. Die verloopt soms bij de Shih Tzu wat moeizaam. Soms omdat ze eerst ‘krantzindelijk’ (of plasmatjes-zindelijk) zijn gemaakt. Niet zo handig want dat resulteert er in dat de hond leert dat hij wel degelijk in huis kan plassen, maar ook extra werk want eigenlijk ben je ze op de manier twee keer zindelijk aan het maken: eerst binnen en dan buiten. Soms omdat je bij zo’n kleintje moeilijk de komen te nauwe neusgaten voor waardoor de honden last kunnen hebben van kortademigheid of benauwdheid. Rond de zestiende week beginnen pups hun babytanden in te leveren in ruil voor een volwassen gebit. Bij sommige Shih Tzu’s is er echter geen sprake van wisselen maar komen er alleen maar tanden bij. Dit wordt een persisterend melkgebit genoemd; de melktanden blijven staan terwijl het volwassen gebit ernaast doorkomt. Gevolg daarvan kan zijn dat de volwassen tanden in een verkeerde stand worden gedrukt. Even goed checken dus in die periode, zodat er ingegrepen kan worden als het nodig is.

 

Verzorging

De Shih Tzu beschikt over een rijke en weelde-rige vacht. Bij sommige exemplaren, zeker de showhonden, is de vacht zo overvloedig en lang dat het lijkt of de hondjes niet lopen maar over het oppervlak zweven. De vachtverzorging van de Shih Tzu is neemt dan ook best wel wat tijd in beslag. De vacht moet regelmatig zorg-vuldig van klitten ontdaan en goed – vanaf de huid – doorgeborsteld worden. Om de paar maanden naar de trimsalon is geen overbodige luxe, maar voor veel hondjes noodzaak.Zijn motto: ‘een vreemde is een vriend die je nog niet eerder ontmoet hebt. Wil je het echte Shih Tzu-kapsel hebben dan wordt het haar boven op het hoofd opgebonden in een paardenstaartje. Het uitstekende haar wordt daarna zorgvuldig in de rondte ver-deeld. Als je niet helemaal weet hoe dat moet dan is er vast wel een fokker of trimsalon die het eens voor wil doen. Uiteraard hoeft dat gefröbel niet, je kan ook het haar ge-woon laten waaien, als je er maar voor zorgt dat het haar uit de ogen, en goed klitvrij blijft, want een verklitte vacht kan de hond behoorlijk wat ongemak en zelfs huidproblemen bezor-gen. Geen kappersaspiratie? Je kunt de hond natuurlijk ook laten knippen, maar dan is wel het typische Shih Tzu-beeld weg. NB de vacht kort scheren is echt uit den boze, dit verandert de structuur van de vacht en haalt tevens zijn bescherming tegen koude, warmte én zon weg.

 

Deel bericht

Share on facebook
Share on print
Share on email