Schermafbeelding 2019-10-24 om 13.54.04

De Eurasier

Diverse taken zorgden voor een grote diversiteit aan rassen. Ieder ras heeft zijn eigen specialiteit. Hoe zijn die rassen tegenwoordig, bijvoorbeeld als gezinshond? Welke karaktertrekken hebben ze, en waar blinken ze in uit? Dit keer de specifiek als huishond gefokte Eurasier.

Van veel oude rassen is de ontstaansgeschiedenis grotendeels, of soms zelfs helemaal, in de nevelen der tijd verloren gegaan. De Eurasier is echter nog een vrij jong ras en het ontstaan van het ras is goed gedocumenteerd. Het begon allemaal toen ene Julius Wipfel uit Duitsland enkele artikelen las van Konrad Lorenz over kruisingen tussen Chow Chows en Duitse Herders. Wipfels interesse was gewekt. Zelf was in het bezit van de Wolfspits Bella en hij besloot haar te laten dekken door een Chow Chow. Het doel wat hij hiermee voor ogen had was een evenwichtige, intelligente, middelgrote huishond, rustig van aard, met een groot aanpassingsvermogen en een goede gezondheid maar die duidelijk anders zou zijn dan de Chow Chow en de Wolfs-pits. Wipfel wist enkele andere mensen, die in het bezit waren van dochters van zijn Bella, ook enthousiast te krijgen en de drie dochters werden ook met Chow Chows gekruist. De nakomelingen waren van heel divers type en met één daarvan, een poolhondachtige, werd verder gefokt. In eerste instantie werden deze honden Wolf-Chow genoemd en onder die naam werd dan ook in 1960 een fokvereniging opgericht in Duitsland. Er werden flinke sprongen vooruit gemaakt in de tien jaar die volgden. Om het nieuwe ras een wat vriendelijker karakter te geven en tevens het uiterlijk wat eleganter te laten worden, werd er in 1972 Samojeed ingekruist. Dit werd echter niet alleen om die redenen gedaan maar ook omdat de fokbasis erg smal was en nieuw bloed noodzake-lijk om een inteeltdepressie te vermijden.In 1973 werd het ras erkend door de FCI, maar daarvoor moest wel de naam veranderd worden. De Chow-Chow-vereniging ging niet akkoord met de naam Wolf-Chow omdat men dacht dat dit tot verwarring zou kunnen leiden, daarom stelde Wipfeld de naam Eurasier voor – naar het continent van oorsprong van de gebruikte rassen: Europa en Azië.

 

Karakter

Volgens de rasstandaard is de Eurasier een evenwi-chige, zelfbewuste hond met een hoge prikkeldrempel, die waakzaam maar niet luidruchtig is en wat terug-houdend naar vreemden. Over het algemeen klopt dat ook aardig, wat dat betreft is meneer Wipfel geslaagd in zijn poging om een ideale huishond te creeëren.Hoewel de Eurasier soms sterke voorkeuren heeft, is het beslist geen eenmanshond. Hij staat doorgaans op goede voet met de hele familie, is vriendelijk en aanhankelijk. Verwacht echter niet dat hij zijn liefde voor de familie op een uitbundige en overenthousiaste manier zal tonen. Het is per slot van rekening géén Labrador of Jack Russell. Zijn affectie toont hij over het alge-meen op subtielere wijze, maar is daarom niet minder gemeend. Met de kinderen kan hij vaak heel goed opschieten en hij is graag bereid een spelletje met ze te spelen. Uiteraard dient dit bij jonge kinderen altijd onder toe-zicht van een volwassene met voldoende kennis van zaken te gebeuren, maar dat geldt voor ieder ras.Tegenover vreemde mensen stellen de meeste Eurasiers zich neutraal, onverschillig of wat gereserveerd op. Een enkeling is sterk terug-houdend of soms zelfs wantrouwig, maar in de meeste gevallen worden vreemden geaccep-teerd en vriendelijk bejegend zolang de eigenaar dat ook doet. En die terughoudend-heid kan natuurlijk ook een voordeel zijn; de Eurasier zal niet zo gauw tegen de buurvrouw aan denderen met een paar modderpoten als hij net uit het bos komt. Een enkele keer kom je een Eurasier tegen die zijn eigen rasstandaard niet gelezen heeft en enthousiast met Jan en Alleman omgaat.Als ze er mee opgroeien hebben andere huisdieren van de Eurasier weinig te vrezen, die horen er wat hem betreft ook gewoon bij. Overigens wil dat niet zeggen dat hij vreemde katten in zijn tuin altijd waardeert, die worden soms rigoreus te verstaan gegeven dat ze niet welkom zijn. De Eurasier is waaks, er is niet veel wat hem ontgaat. Luidruchtig is hij niet. Als hij onraad vermoedt zal hij waarschuwen door even aan te slaan, maar hij blijft niet doorblaffen. De Eurasier past zich vrij makkelijk aan verschillende omstandigheden aan. Natuurlijk stelt hij een tuin op prijs, maar hij kan ook heel goed in de stad gehouden worden. Mits er voldoende met hem wordt ondernomen zal het in huis een uitermate rustige hond zijn. Hij is actief als er wat te beleven valt en krult zich tevreden op als hij moe in voldaan rustig thuis is. Als kennelhond is de Eurasier ongeschikt. Door het gemis van zijn familie zal hij daar langzaam wegkwijnen.

 

Opvoeding en training

De socialisatie van de Eurasierpup dient voortva-rend en intensief aangepakt te worden. Breng hem als pup veelvuldig in contact met mensen, kinderen, dieren, dingen en alles wat je maar bedenken kunt. Het ras is wat terughoudend van nature en bij onvoldoende socialisatie kan dat stukje van zijn karakter heel goed in angst om-slaan als hij eenmaal wat ouder is. Doe je het goed dan krijg je een evenwichtige volwassen hond, die zelfbewust in het leven staat. Veel Eurasiers zijn er op jonge leeftijd wars van om aangeraakt te worden door vreemden. Jammer genoeg voor het Eurasierpuppy ziet hij eruit als een knuffelbeertje en oefent hij een enorme aantrekkingskracht uit op mensen die het allemaal goed bedoelen maar precies het verkeerde doen. Ze vliegen enthousiast op het hondje af, hangen over hem heen en willen hem plompverloren over zijn koppie aaien. En dat is nou nét waar de Eurasierpeuter niet van gediend is. Neem een afkerige pup in bescherming tegen dat soort mensen. Leer hem maar liever op een verantwoor-de manier dat het prettig is dat vreemde mensen aan hem friemelen. Klein laten maken, niet recht aankijken, hondje het initiatief laten nemen, wat lekkers aanbieden en even voorzichting over zijn borst of onder zijn kinnetje laten kriebelen.

De opvoeding van de Eurasier is niet al te moei-lijk. Het is een redelijk intelligente hond die vrij makkelijk leert. Hou trainingen kort, afwisselend, plezierig en beloningsgericht, dan kom je een heel eind. En heb er een beetje begrip voor dat zijn karakter soms wel wat Oosterse trekjes kan verto-nen. Als hij goed getraind is zal hij heus komen als je hem roept. Alleen zal dat eerder op een sukkel-drafje en met een omweggetje zijn dan als een streep in vliegende rengalop. Ze zijn niet echt tegendraads maar soms hebben ze wel hun eigen mening over hoe iets uitgevoerd moet worden.Met een geduldige, consequente en duidelijke leiding bereik je veel bij de Eurasier. Een eigenaar die echter te makkelijk met de regels omgaat kan er, zeker als het een reu betreft, nog wel eens achterkomen dat zijn hond wat al te zelfverzekerd en voortvarend gedrag begint te ontwikkelen.

 

Beweging

Met een Eurasier hoef je niet de hele dag op sjouw om hem tevreden te houden. Toch wordt een dagelijkse flinke wande-ling wel zeer op prijs gesteld maar als het eens een dagje wat minder is dan zal hij er ook geen punt van maken. Met slecht weer, regen, wind en kou heeft hij geen problemen, hij is goed beschermd door zijn overvloedige vacht. De meeste Eurasiers zijn geen waterratten, al schuwt een deel van de honden een duik in het koele water niet bij warm weer. Volgens de rasstandaard zou de Eurasier niet over jachtinstinct beschikken maar in de praktijk wil dat nog wel eens anders uitpakken. Tijdens wandelingen toont de Eurasier zich zeer levendig, temperament-vol en oplettend. Meestal blijft hij dicht in de buurt van de baas, hij heeft weinig behoefte aan afdwalen. Met andere honden die je onderweg tegenkomt zullen de meeste Eurasiers goed omgaan. Enkele exemplaren, met name reuen, zijn echter onvriendelijk tegen vreemde seksegenoten of kunnen zelfs actief de confrontatie opzoeken. Een goede training kan dat meestal wel voorkomen.

 

Gebruiksmogelijkheden

Als je een streber bent met als doel hoog te eindigen in één of andere vorm van hondensport, sla dan Eurasier dan maar over. Op recreatief gebied doet hij het heel aardig in diverse hondensporten zoals gedrag & gehoorzaamheid, flyball en behendigheid. De Eurasier mist echter de passie en het fanatisme van sommige andere rassen. Als de nadruk blijft liggen op gewoon lol hebben met je hond, beleeft de Eurasier echter veel plezier aan dit soort dingen en kan hij best goede prestaties neerzetten.

 

Gezondheid

De Eurasier kan gerust een gezond ras genoemd worden. Er komen wel enkele erfelijke afwijkingen voor binnen de populatie voor maar de Eurasier vereniging zit er pal bovenop om het ras gezond te houden. Het fokbeleid is duidelijk gericht op verbetering van het ras, zowel op het gebied van gezondheid als op karakter. Alle potentiële fokdie-ren dienen voor het eerste nest te zijn getest op heupdysplasie, erfelijke oogafwijkingen zoals entropion, ectropion en distichiasis, patellaluxatie en schildklierafwijkingen. Dat is echter niet het enige. De vereniging wil graag van alle honden weten hoe het met de gezondheid is gesteld, dus ook van honden waarmee niet gefokt wordt. Daarom wordt er voor iedere pup die via de vereniging gekocht wordt een bedrag van € 325,- ‘borg’ betaald. Dat bedrag wordt teruggegeven als de hond, wanneer hij daar oud genoeg voor is, een medische keuring ondergaat waarbij er getest wordt op de zelfde afwijkingen als bij dieren waarmee gefokt gaat worden. Voor fokdieren geldt ook nog dat zij deel dienen te nemen aan een Gedrag & Exterieur Keuring (GEK-test) van de de vereniging. Daarbij wordt niet alleen naar het uiterlijk maar ook naar het gedrag van de hond gekeken. Toch wel een heel belangrijk onderdeel, dat bij sommige rassen helaas onvoldoende belicht wordt. Die GEK-test is dus zo gek nog niet.

 

Verzorging

Opzien tegen de vachtverzorging van een Eurasier is helemaal niet nodig. Het mag dan wel lijken of er heel veel tijd in gaat zitten om de mooie dikke vacht van de hond in optimale conditie te houden maar het tegendeel is waar. Door de structuur van het haar klit het nauwe-lijks. Veel borstelen wordt juist afgeraden omdat er dan teveel onderwol wordt verwijderd en de hond continu blijft verharen. Tijdens de ruiperiode zal er uiteraard frequen-ter geborsteld moeten worden en dan nog zal de stofzuiger overuren maken om te voorko-men dat je door de bergen haar de vloer niet meer ziet. In bad stoppen is over het algemeen niet nodig, behalve natuurlijk als hij eens in een lekker stinkend kadaver of rotte vis heeft liggen rollen.Hou de nagels goed kort en check in het seizoen regelmatig op vlooien en teken en zorg voor een goede preventie tegen die rotbeestjes. Bij de Eurasier kan zich makkelijk een hotspot ontwikkelen en dat begint vaak met een vlooienbeet. Dat kleine plekje raakt dan ontstoken en breidt zich in een snel tempo uit tot en vieze, pussige plek die de hond veel last en ongemak kan bezorgen.Check ook af en toe het gebit en sta dan niet vreemd te kijken als op een gegeven moment blijkt dat de tong van de hond ineens een andere kleur heeft. Dat is een erfenis van zijn Chow Chow-voorouders. Eurasiers worden gewoon met een roze tongetje geboren maar bij een deel van de honden verkleurt die tong op een gegeven moment naar blauw of blauwgevlekt. Overigens zijn er ook honden die hun hele leven lang gewoon een roze lap houden.

 

Deel bericht

Share on facebook
Share on print
Share on email
Bekijk ook