Bull Terrier

Bull Terrier

In de rasstandaard wordt het gedrag en temperament van de Bull Terrier als volgt omschreven: ‘De Bull Terrier is de gladiator onder de hondenrassen, vol vuur en moedig. Met een evenwichtig temperament en in staat zich gedisciplineerd te gedragen; hoewel koppig, bijzonder goed in de omgang met mensen’.

  • Herkomst: Engeland
  • Levensverwachting: 10 tot 14 jaar
  • Karakter: Scherp, Zachtaardig, Actief, Beschermend, Trainbaar
  • Gewicht: Mannelijk: 22 – 38 kg
  • Lengte: Mannelijk: 45 – 55 cm
  • Kleuren: Wit, Driekleurig, Fawn & White, Brindle en Wit, Rood-wit, Zwart wit gestroomd
    Uitgebreide rasstandaard onderaan de tekst

Het Victoriaanse tijdperk werd gekenmerkt door een lange periode van vrede en voorspoed; het ging de middenklasse en adel voor de wind. Het was tijdens deze periode dat men hondenshows begon te organiseren en dat werd al snel een geliefd tijdverdrijf.

James Hinks

De eerste officiële hondenshow in Engeland werd in 1859 gehouden in Newcastle-on-Tyne. Een jaar later stelde James Hinks uit Birmingham de witte Bulldog ‘Madman’ tentoon. De Bulldog was het eerste ras dat hij tentoonstelde, maar als honden-handelaar fokte en verkocht hij de meest uiteenlopende rassen: Dalmatiërs, Greyhounds, kortharige Terriers, Bull & Terriers, Bulldoggen maar ook Toy Terriers, Curly Coated Retrievers, King Charles Spaniels en Mastiffs. Hij showde en handelde in Bloedhonden, Newfoundlanders, Mopsen, Dandie Dinmont Terriers, Pointers en Bordeaux Doggen. Een aantal van deze rassen gebruikte James Hinks voor het creëren van een ras dat hij Bull Terrier noemde. Volgens de zoon van James Hinks, James II, gebruikte zijn vader een Dalmatiër, een Bulldog en White English Terriers om het ras te creëren. James Hinks was zeker niet de eerste die Bulldoggen met Terriers kruiste, en ook niet de eerste die witte Bull & Terriers fokte, maar hij was wel de eerste die gebruik maakte van lijnteelt om zo een lijn op te zetten van puur witte Bull Terriers. In het proces gebruikte hij tevens een Greyhound en een Dalmatiër naast de al eerder genoemde witte Bulldog ‘Madman’ en een aantal witte kortharige Terriers. Tussen 1862 en 1870 bezocht Hinks maar liefst 82 hondenshows en was tien jaar lang de meest succesvolle exposant. De competitie bestond vaak uit exposanten die begonnen waren met honden gefokt door Hinks, en het ras groeide enorm in populariteit.

Vijf jaar na de oprichting in mei 1878 van The Kennel Club overleed James Hinks aan de gevolgen van tuberculose. Hij werd slechts 49 jaar en liet een vrouw en acht kinderen achter. Twee zonen van James Hinks waren al zeer jong betrokken bij het showen en fokken van honden, James II en Frederick traden in de voetsporen van hun illustere vader, evenals de kleinzoon Carlton Hinks, en vele prijswinnaars kwamen uit de kennels van deze drie heren.

Staand oor

In 1887 werd The Bull Terrier Club opgericht in Engeland, en de Bull Terrier als ras won meer en meer aan populariteit. Even leek het coupeerverbod roet in het eten te gooien, want in 1895 werd in Engeland het couperen van oren verboden. Veel vonden het uiterlijk van ongecoupeerde honden helemaal niet mooi en keerden de rassen, die voordien gecoupeerd werden, de rug toe. Dit gebeurde ook bij de Bull Terrier, maar een paar mensen van de oude garde bleven het ras trouw en die mensen werden als het ware gedwongen om het oor nieuw vorm te geven. In 1896 vermeldt de rasstandaard: staand, halfstaand of rozenoor acceptabel. Het ras had erg te lijden door het coupeerverbod, maar het lukte de fokkers om binnen afzienbare tijd een staand oor te fokken. Dit is voornamelijk te danken aan Harry Monk van de bekende Bloomsbury kennel, en ‘Bloomsbury Charlwood’, geboren in november 1901, was de eerste Bull Terrier met staande oren.

Gekleurde Bull Terriers

Toen James Hinks zijn witte Bull Terrier ontwikkelde, had hij niet kunnen denken dat hierdoor de gekleurde Bull and Terrier in de vergetelheid zou raken. Gelukkig bleef een aantal mensen trouw aan het oude type, dat we tegenwoordig kennen als de Staffordshire Bull Terrier.

Rond 1900 realiseerden sommige fokkers zich dat een Bull Terrier, anders dan de witte variëteit, ook aantrekkelijk kon zijn. De fokkers van de eerste moderne gekleurde Bull Terriers creëerden hun fokproducten door onder meer Staffordshire Bull Terriers te kruisen met de puur witte Bull Terriers. Pioniers waren Ted Lyon met zijn ‘Sher’ kennel en mevrouw V. Ellis met haar bekende ‘Hunting Blondi’. Ted Lyon bezat reeds in 1908 gekleurde Bull Terriers, die hij gebruikte tijdens de jakhalsjacht in India.

Bull Terrier

Miniatuur Bull Terrier

De Bull Terriers die James Hinks fokte varieerden enorm in grootte; niet verwonderlijk gezien de verscheidenheid aan rassen die hij gebruikt heeft voor zijn creatie. In een nest Bull Terriers werden soms zowel Standaard als Miniatuur Bull Terriers geboren. Opvallend is de grote populariteit van de kleine (Miniatuur) Bull Terrier in de begindagen van de hondenshows. Het gewicht van de ingeschreven Bull Terriers liep uiteen van iets minder dan 2 kg tot 25 kg. Sommige fokkers probeerden het ras nog kleiner te fokken om zo een Toy Bull Terrier te creëren. Deze Toy Bull Terriers waren echter zeer atypisch met hun appelhoofden en uitpuilende, ronde ogen.

De eerste kampioen die het ras kent, Kampioen ‘Nelson’ (1873), zou volgens de hedendaagse rasstandaard als Miniatuur bestempeld worden. Aan het eind van de Eerste Wereldoorlog was het aantal Miniatuur Bull Terriers in Engeland zo gedaald dat The Kennel Club ze uit de stamboek registratie verwijderde. Toch bleef men op heel kleine schaal deze kleine variant nog fokken. In 1938 werd onder Sir Richard Glyn de Miniature Bull Terrier Club opgericht, en een jaar later werd deze door The Kennel Club erkend.

In Nederland

Lang voordat men besloot om een rasvereniging op te richten waren er al Bull Terriers in Nederland; eerst van het oude type dat men Bull and Terrier noemde. De meeste van hen waren gekleurd met of zonder witte aftekening. Volgens de kynoloog L. Seegers werd het eerste nest Bull Terriers in Nederland midden jaren tachtig van de negentiende eeuw gefokt door dhr. F. Kerstens. Dit betrof de Bull Terrier van het nieuwe type, ontwikkeld door de Engelse hondenhandelaar James Hinks. Het eerste exemplaar van het nieuwe type dat officieel in Nederland werd geregistreerd was de Engelse import ‘Trentham Squire’ van M.H. Blok jr. uit Amsterdam. Het bleef niet bij deze ene Bull Terrier, want er werden meerdere honden geïmporteerd. Ook werd er gefokt en uiteraard geshowd. Tussen 1890 en 1910 waren er bijna altijd Bull Terriers aanwezig op tentoonstellingen, uiteraard allemaal wit. Na 1910 werd het rustig rond het ras en het duurde maar liefst tot 1926 tot er eindelijk weer een Bull Terrier werd geshowd en er na jaren weer een nest werd gefokt.

Gekleurden in Nederland

In 1934 deden de eerste gekleurde Bull Terriers hun intrede in Nederland. Het was de huisarts H.K.F. Cohen die twee volwassen Bull Terriers uit Engeland importeerde. Van kolonel Richard Glyn kocht hij de rode reu ‘Wugging Wiseacre’ en de zwart-gestroomde teef ‘Welkom in Holland’. Op 19 september 1934 werd de kennel van dr. Cohen onder de naam ‘van ’t Donarspan’, geregistreerd, en anderhalve maand later, op 2 november werd het allereerste nest gekleurde Bull Terriers in Nederland geboren. Ouders van dit nest waren de twee door dr. Cohen geïmporteerde Bull Terriers. Met dit nest van zes pups en door andere mensen geïmporteerde Bull Terriers groeide het Bull Terrier bestand in Nederland gestaag.

Bull Terrier Club

Er werd besloten om een club op te richten voor het ras en zo werd de Nederlandse Bull Terrier Club opgericht op 1 januari 1936. Het bestuur bestond uit dr. C. Langhout als voorzitter, mevr. Jongeneel-Croll als vice-voorzitter, dr. Cohen als secretaris, penningmeester en stamboekhouder, en de heren Van der Linden en Vermeulen als commissaris. De vereniging stelde zich ten doel: ‘de bevordering van het fokken, de liefhebberij en het veredelen van het hondenras genaamd Bull Terrier in Nederland. En het verenigen van fokkers en liefhebbers van de Bull Terrier en de behartiging hunner belangen.’ De eerste jaren van de club waren erg moeilijk, want door de crisis was er bijna geen vraag naar rashonden, laat staan naar Bull Terriers. En dat ondanks het nooit eindigende enthousiasme waarmee dr. Cohen het ras promootte en de vele artikelen die hij over het ras publiceerde in de kynologische bladen van die tijd.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog stond het fokken en showen van honden op een laag pitje, maar toch werd er op bescheiden schaal gefokt en geshowd. Op 26 januari 1944 ontvingen alle leden van de Nederlandse Bull Terrier Club voor de eerste keer een nieuwsbrief van de secretaris, en er zouden nog vele volgen. Reden voor deze nieuwsbrief was uiteraard de bijzondere omstandigheden van de oorlog, als reis en andere moeilijkheden (lees verbod), houden van een vergadering, en door het opheffen van alle kynologische tijdschriften werd de club beroofd van de mogelijkheid om via de rubriek ‘clubberichten’ contact te houden.

Bull Terrier

Na de oorlog

Zo net na de oorlog tot midden jaren vijftig van de vorige eeuw werd er heel erg weinig gefokt.

Toen er een artikel verscheen in het damesblad Libelle, met als titel ‘De Bull Terrier vliegt tijgers naar de keel, maar past ook uren op de baby’ werd de club overspoeld door aanvragen. De 160 aanvragers hadden elk zo hun eigen wensen. Men vroeg om: een exemplaar, een jong hondje, zo’n hond, zo’n dier, een wonderhond, het beschreven beest, nesthonden, een geschikte bull, en ten slotte om ‘het’ en een Bull Terrier in jonge staat. Het aanbod was echter zeer beperkt, zodat de meeste aanvragers naar een andere baby-oppas uitkeken. Een aantal aanvragers importeerde op advies van de club een Bull Terrier uit Engeland. Deze importen waren niet van hoge kwaliteit, op een paar uitzonderingen na, waaronder onder andere Kamp. ‘Romany Rimmon’, een witte zoon van de bekende Engelse Kamp. ‘Beechhouse Snow Vision’. Deze ‘Romany Rimmon’ werd destijds geshowd door de heer Martin van de Weijer, onze bekende allround keurmeester.

De populariteit van de Bull Terrier nam in de jaren tachtig een grote vlucht: aan het eind van 1985 bleek dat er in dat jaar meer Bull Terriers waren geboren dan ooit tevoren. Maar liefst 538 Bull Terriers werden ingeschreven in het stamboek, terwijl er dat vier jaar eerder slechts 143 waren. Ook de kwaliteit van het ras ging met rasse schreden vooruit. In november 1980 werd er een nest van zeven pups geboren bij de heer J. Bouma, en één van de pups zou uitgroeien tot een beroemde Bull Terrier, een wereld-beroemde zelfs: Kamp. ‘Polytelis Silver Convention’. Hij zette Nederland als Bull Terrier-land op de kaart, en men kwam van heinde en verre om Simon, zoals hij thuis genoemd werd, als dekreu te gebruiken. Er werden zelfs teven vanuit Amerika ingevlogen. Dat hij ook nog eens prepotent was, blijkt uit het feit dat hij maar liefst 35 kampioenskinderen, verdeeld over drie continenten, voortbracht.

Landencompetitie

In 2006 vierde de Nederlandse Bull Terrier Club haar 70-jarige bestaan en werd er een heel bijzonder evenement georganiseerd: een landencompetitie. In die competitie streden de aanwezige landen met een team bestaande uit twee reuen ouder dan twee jaar, twee reuen jonger dan twee jaar, twee teven ouder dan twee jaar en twee teven jonger dan twee jaar. De honden werden in hun eigen leeftijdscategorie gekeurd door drie verschillende keurmeesters die onderling niet mogen overleggen. Elke keurmeester gaf 12 punten aan de in zijn ogen beste Bull Terrier van die klas, en vervolgens 10 punten voor de op één na beste, gevolgd door 9, 8, 7, 6, enzovoort punten. De punten van de drie verschillende keurmeesters werden bij elkaar opgeteld en het team met de meeste punten was winnaar van de landencompetitie. De eerste landencompetitie werd gewonnen door Nederland, met België als runner-up. Dit concept is zo’n enorm succes gebleken dat in 2015 de tiende editie van ‘The International Weekend’ werd gehouden met een record aantal deelnemende teams waaronder een team uit de USA, en meer dan driehonderd Bull Terriers uit vijfentwintig verschillende landen ingeschreven voor de Kampioenschapsclubmatch. Vanuit heel de wereld komt men naar dit jaarlijks terugkerende evenement, van Noord- & Zuid-Amerika, Australië, Azië, Zuid-Afrika tot bijna alle Europese landen.

Karakter

De Nederlandse Bull Terrier Club hanteert al jarenlang het advies ‘bezint eer ge begint’ wat al aanduidt dat een Bull Terrier beslist niet voor iedereen geschikt is. Maar wie de nadelen van de Bull Terrier accepteert wordt meer dan beloond met de geweldige eigenschappen van dit ras. Een Bull Terrier is een echte Terrier, dus: heel eigenwijs en niet erg gehoorzaam, zeer koppig en vasthoudend. Een Bull Terrier moet consequent opgevoed worden, maar niet door middel van een te harde aanpak. Dit werkt beslist averechts.

Niet alleen het uiterlijk, maar ook het karakter van de Bull Terrier is uniek. Er zijn maar weinig hondenrassen die zo op mensen gericht zijn. Thuis zitten ze dan ook het liefst op u, in plaats van naast u. Ze kunnen het ene moment heel lief en aanhankelijk zijn en even later iets heel ondeugends doen. Een goede manier om het karakter van de Bull Terrier te omschrijven, is als een driejarig kind verkleed als hond. Ze zijn dol op spelletjes die ze vaak zelf verzinnen. Ze hangen regelmatig de clown uit om menselijke familieleden en bezoekers te vermaken.

Bull Terriers zijn heel vasthoudend; hebben ze éénmaal hun zinnen gezet op iets dan moet en zal dat gebeuren. Soms zelfs dagen later als de eigenaar het al is vergeten. Dit gedrag wordt echter zo onschuldig uitgevoerd, dat de eigenaar er wel om moet lachen. Missie geslaagd, want ze hebben weer aandacht gekregen. En aandacht kunnen ze echt opeisen. Ze helpen dan ook vaak actief met bijvoorbeeld het lezen van de krant, het bed opmaken of stofzuigen. Overbodig om te zeggen dat deze activiteiten voor de menselijke familieleden onmogelijk worden gemaakt.

Een heel groot misverstand is dat James Hinks met de ontwikkeling van de Bull Terrier een betere vechthond creëerde. Hinks was een hondenhandelaar en moest in zijn levensonderhoud voorzien door honden aan particulieren te verkopen. De Bull Terrier die hij creëerde, had voornamelijk een heel aantrekkelijk uiterlijk. Dit uiterlijk maakte hem populair bij het publiek. Echte vechthonden zijn maar voor één doel gefokt en dat is vechten. De laatste 140 jaar zijn de Bull Terriers gefokt als showhonden en gezelschapsdieren.

De meeste Bull Terriers kunnen goed overweg met andere honden. Toch blijft het opletten. Wat als een leuk spel onderling begint, kan eindigen in een vechtpartij. Bull Terriers spelen veel ruwer dan de meeste andere honden. Wat te allen tijde wordt afgeraden, is twee reuen in huis nemen, want dat is vragen om moeilijkheden. De confrontatie kan lang op zich laten wachten, maar komt ongetwijfeld. Natuurlijk zijn er voorbeelden waarbij het wel goed gaat, maar de verhalen waarbij het misging zijn vele malen talrijker.

Een Bull Terrier mag nooit agressief naar mensen toe zijn. Natuurlijk verschilt elke individuele Bull Terrier van karakter. De één is iets drukker, terwijl de ander het liefst op de bank ligt. Maar ze delen alle hun liefde voor mensen en hun bijzondere gevoel voor humor.

Erfelijke afwijkingen

De Bull Terrier is een relatief gezond ras. Toch kent ook de Bull Terrier, evenals andere rassen, een aantal erfelijke afwijkingen en ras gerelateerde problemen. Het merendeel van de afwijkingen zijn in meer of mindere mate erfelijk bepaald. De wijze van vererving verschilt. Zo zijn er afwijkingen die autosomaal dominant vererven, de nierziektes Renal Dysplasia, Hereditary Nephritis en PKD zijn hier voorbeelden van. Het is daarom van groot belang om de (fok)dieren te laten testen, en dit kan door middel van een UPC test. PKD kan getest worden door middel van een doppler test. Als een hond na zijn eerste jaar vrij is bevonden zal hij geen PKD meer krijgen.

De meest voorkomende erfelijke hartafwijkingen bij Bull Terriers zijn lekkende hartkleppen (mitraal dysplasie) en een vernauwde aorta (aortastenose). Fokdieren dienen getest te worden.

Een probleem waar de Bull Terrier als sinds het ontstaan mee te maken heeft is doofheid. Hoewel doofheid het meest voorkomt bij de witte kunnen ook gekleurde Bull Terriers eenzijdig- of soms tweezijdig doof zijn. Door middel van een BAER-test kunnen honden getest worden.

Andere problemen die bij Bull Terriers kunnen voorkomen zijn huid- en vachtproblemen, gedragsproblemen en patella luxatie (een losse knieschijf).

Trainen

Van de meeste Terriers wordt vaak gezegd dat ze niet goed luisteren en dat ze moeilijk te trainen zijn. Met een beetje geduld en een positieve instelling kan men een Bull Terrier evenveel leren als ieder ander ras. Train niet te lang en houd het vooral leuk en interessant voor de hond. Als pup zijn ze heel ondernemend en kunnen een interieur soms grondig verbouwen, een bench is daarom een prima hulpmiddel bij de opvoeding van een Bull Terrier pup.

De Bull Terrier is krachtig gebouwd, goed in balans, actief en daarom zeer geschikt voor diverse hondensporten. Ze hebben een uitstekend reukorgaan, zodat ze het ook erg goed doen in speur-disciplines. In de USA zijn er Bull Terriers opgeleid tot explosieven zoekhonden. 

Bull Terrier

Rasstandaard

Land van herkomst: Engeland.

FCI-NR: 11.

FCI-Rasgroep: 3, Terriers, sectie 3.

Beknopte Rasstandaard

De Bull Terrier is één van de weinige rassen waar een gewichts- en/of maatlimiet in de rasstandaard ontbreekt; dit wordt zelfs specifiek in de standaard vermeld: de hond dient de indruk te geven dat hij een maximum aan substantie bezit voor de maat van de hond in overeenstemming met zijn bouw en geslacht. De hond dient te allen tijde in balans te zijn.

De algemene verschijning is dat van een krachtig gebouwde, gespierde, goed in balans en actief zijnde hond die een levendige, vastberaden en intelligente uitdrukking heeft.

Uniek aan de Bull Terrier is uiteraard het hoofd. Toen James Hinks het ras ontwikkelde was er van een eivormig hoofd met downface nog geen enkele sprake. Langzaam verdween de stop en werd het hoofd langer en rechter. Omdat de fokkers deze verandering wel aansprak werd er op geselecteerd en deden de downface en roman finish langzaam hun intrede. Deze verandering is erg langzaam gegaan. Het hoofd zoals we het nu kennen dient lang, sterk en diep tot het einde van de voorsnuit te zijn, maar nooit grof. Van voren gezien moet het eivormig zijn en geheel opgevuld; het oppervlak dient vrij van kuilen en deuken te zijn. Het profiel buigt van de bovenkant van de schedel met een lichte boog naar de punt van de neus. De neus dient zwart te zijn, bij de punt naar beneden gebogen, wat de ‘roman finish’ wordt genoemd.

De mooie gewenste expressie wordt verkregen door kleine, schuin geplaatste zwarte of zo donkerbruin mogelijke ogen. Hierbij dient de afstand van de neuspunt tot de ogen waarneembaar groter te zijn dan de afstand van de ogen tot de bovenkant van de schedel.

Ook een correcte oordracht draagt bij aan een ‘keen expression’; zij dienen klein, dun en dicht bij elkaar te zijn geplaatst. De hond dient in staat te zijn de oren stijf rechtop te dragen waarbij ze recht naar boven wijzen.

Het lichaam dient een goede ronding en duidelijk gewelfde ribben te hebben, een grote diepte van de schoft tot de onderzijde van de borst, zodat de borst dichter bij de grond is dan de buik. De onder-belijning van borst naar buik dient een sierlijke, opwaarts gebogen lijn te zijn.

De rug dient kort en sterk te zijn met een horizontale rugbelijning die over de brede, goed gespierde, lendenen licht gewelfd is.

De hond moet stevig op de benen staan, en de benen moeten volkomen parallel zijn. Bij volwassen honden moet de lengte van de voorbenen, die de hoogste kwaliteit ronde botten hebben, ongeveer gelijk zijn aan de diepte van de borst. Sterke, gespierde schouders, maar niet beladen. Sterke en goed aangesloten ellebogen. Ook de achterhand dient sterkte te tonen: gespierde dijen, goed ontwikkelde tweede dijen, goed gebogen kniegewrichten, korte en sterk geknookte middenvoeten. Van achter gezien staan de achterbenen evenwijdig.

De krachtige bouw van de Bull Terrier dient hij tijdens het gangwerk te laten zien, met grote stuwkracht vanuit de achterhand, waarbij de achterbenen soepel vanuit de heup bewegen. De voorbenen grijpen goed uit, en in draf bewegen de benen evenwijdig, zowel voor als achter. Hij beslaat de grond soepel met vrije en gemakkelijke passen in een typische montere houding.

De vacht van de Bull Terrier is kort, vlak aanliggend, gelijkmatig, hard aanvoelend met een mooie glans. Als kleuren zijn toegestaan: geheel wit, wit met aftekeningen op het hoofd, gestroomd, zwartgestroomd, rood, fawn en driekleur. De gekleurden kunnen gekleurd met witte aftekening zijn of geheel gekleurd zonder of met heel weinig witte aftekening; dit laatste noemt men ‘solid’.

Typeverschillen

Hoewel de rasstandaard vrij duidelijk is over het uiterlijk van de Bull Terrier ziet men nog steeds verschillende typen binnen het ras. Zo is er de Bull Terrier van het Bulltype; dit type munt uit in compactheid, sterk bone, krachtige schedel, goede voorborst, prima ribbensprong en borst-

diepte. Veel voorkomende fouten bij dit type: te laag gesteld zijn, steile schouders, te korte hals en een steile achterhand. Daarnaast zien we het type met het accent op Terrier; het tegenovergestelde van het Bulltype. De honden munten uit in bouw en bespiering. Zij hebben vaak een korte rug, prima front, nek en schouders en goed gehoekte achterhand. De hoofden zijn veelal uitmuntend, maar niet zo krachtig als bij het Bulltype. Ze zijn levendig en alert en bezitten meestal een goed gangwerk. Fouten bij dit type: gebrek aan kracht, te licht bone, smalle borst, te weinig ribbensprong, geen uitgrijpend gangwerk. Het type dat het minst frequent wordt gezien is het Dalmatische-type. Zij munten uit in bouw, recht front, goede benen en voeten, sierlijke hals en goed geplaatste schouders. Ze hebben meestal een goede achterhand en een aantal van hen bezit een heel goed gangwerk. De hoofden zijn veelal lang met een goed profiel. Fouten bij dit type: te veel beenlengte, te lange rug, te weinig ribbensprong, te weinig opvulling in het hoofd en een te lange staart. Het meest ideale type waar men naar streeft is het middle of the road-type; dit type heeft de beste kwaliteiten van de drie genoemde types, maar zonder overdrijving. De lengte en kracht van het hoofd is in proportie ten opzichte van het lichaam en de achterhand. Dit type heeft een sierlijke, sterke hals, goede schouders, een recht front, veel bone en goede voeten, een diepe borst met bijpassende ruglengte, sterke achterhand en een goede staart-aanzet. Dit type is het moeilijkst om te fokken, omdat dit het meest aan de rasstandaard voldoet. 

VERZORGINGSTIPS VAN DE ABHB TRIMSALONS:

Bullterriers zijn krachtig gebouwd en gespierd; hun korte, vlakke beharing accentueert de fraaie contouren perfect. Dat strakke pak behoeft nauwelijks aandacht, want slechts ‘aaien’ met een vochtig microvezeldoekje volstaat. Kliertjes aan de haarzakjes houden de haren gezond en glanzend. Oude, versleten haren worden geleidelijk vervangen. Die wisseling geschiedt zoveel mogelijk gespreid, om de huid permanente bescherming te garanderen. Periodes met iets meer losse haren horen er natuurlijk bij, maar verhaaroverlast is niet nodig.

Ruiprocessen zijn sneller achter de rug als we een handje helpen. Borstelen is echter niet de beste manier, omdat daarmee het verharen juist wordt gestimuleerd. Geen enkele borstel kan namelijk onderscheid maken tussen oude en piepjonge haartjes. Door onbedoeld uittrekken van nieuwe haren verlengt men juist die verharingsperiode. Gelukkig is oude vacht uitstekend te verwijderen door middel van een uitgebreide wasbeurt met shampoo. De oudste, defecte haren zuigen zich vol water, raken ‘losgeweekt’ en worden weggespoeld. Borstel niet als er toch nog haarverlies is, maar herhaal het bad na een week, en desnoods vaker. In de ABHB-trimsalons wordt de professionele ‘wassen-blazen’ methode toegepast, waardoor de haren in huis tot een minimum beperkt worden en de huid gezond blijft. Informatie vindt u op de site van de professionele trimmers: www.abhb.nl

Bull Terrier

Informatie

Voor informatie kunt u contact opnemen met de:

Tekst en foto’s: Alice van Kempen

Deel bericht

Share on facebook
Share on print
Share on email
Bekijk ook