shutterstock_153040001

Met de handen in het haar van de Doodle

(Labra)Doodles zijn niet meer weg te denken in het straatbeeld. Veel mensen zien in de Doodle een ideale gezinshond of zelfs hulphond. Inmiddels zijn er vele types, met een enorme diversiteit aan looks en karakters. En met een, meestal, niet-verharende doodle-vacht, die behoorlijk wat tijd en aandacht vraagt.

De eerste kruisingen tussen de Labrador en de Poedel – de Labra-doodles – waren vaak ruwharig. Riant grote honden waren het ook, door de ‘bastaardkracht’. Hun vrij korte, ruwe vacht verhaart echter en dat paste niet bij de wens van het fokken van een niet-verharend type hond. Dus er werd teruggefokt op de Poedel en/of er werden rassen als Spaniel en Wheaten Terrier ‘toegevoegd’. De niet-verharende vacht werd bereikt, maar daarmee ontstonden ook de problemen bij het onderhoud. 

Vachttypen

De terugkruising naar de Poedel bracht een wollige, verende vacht. De kruising met de Golden Retriever gaf een wat meer sluikere vacht en alle bijmengingen van andere rassen maken de vacht minder of meer eenvoudig te onderhouden. Ook de vachttypen kregen ‘doodle-namen’ namelijk curly, fleece (voor het sluikere haar) en curlyfleece of wavycurly voor alles daartussenin. Een vuistregel is: meer haar per vierkante centimeter betekent meer onderhoud voor de eigenaar. In de basis is het noodzakelijk om elke individuele haar een goede verzorging te bieden, van de aanzet tot de haarpunt. Alleen dan kan klitvorming voorkomen worden. Een rechte haar kan een andere aanpak nodig hebben dan een gekrulde haar. De duur die daaraan besteed moet worden varieert van twee uur per week tot twee uur per dag … Mede afhankelijk van de lengte van de vacht, natuurlijk. Inmiddels neemt de variatie in ‘oodles’ nog steeds toe. Naast de (Australian) Labradoodle (ook in midi of minivarianten) zien we onder andere Goldendoodle, Boefdoodles, Shepadoodles, Bernerdoodles en Multi-doodles, maar de hoeveelheid vacht is altijd ‘veel’ of ‘meer dan veel’.

Bezuiniging

Het lijkt er wel eens op dat er na de aanschaf van de Doodle geen budget meer is voor de broodnodige vachtverzorging. Dit is pertinent verkeerde zuinigheid, waar de hond écht onder kan lijden. Je doet je Doodle vooral een plezier met een kapsel dat bij de lifestyle van hond en eigenaar past. Bij een actief leven past een korter kapsel en voor een Doodle die graag poseert en die netjes is op zichzelf kan voor een langer kapsel gekozen worden. 

Klitten en vilten

De vacht is van het type dat niet verhaart en dat betekent dat de, toch wel loskomende, haren in de vacht blijven hangen. Die dode haren hebben de neiging om aan hun buurhaar vast te klitten en zo met elkaar een klit of zelfs viltplakkaat te vormen. Klitvorming gaat samen met iets wat lijkt op het krimpen van een wollen trui. De haren gaan door hun verstrengeling dichter naar elkaar toe en gaan daardoor aan de huid trekken. Naast dat er geen lucht meer bij de huid komt door de afsluiting van de opeengepakte haren is een strak zittende vacht ook geen pretje voor de hond. Klitten moeten dus altijd voorkomen worden! Dit kan door het kort houden van de vacht of door intensief onderhoud te (laten) plegen. Dat laatste kost (meestal) geld.

Zelf doen?

Met een Doodle kies je voor een hond met vachtverzorgingseisen. Net zoals bij heel veel honden – ras, kruising of rasloos. (Zelfs de kortharige hond die onze huiskamer deelt heeft baat bij een bad- en blaasbehandeling om het aantal losse haren in huis te beperken.) Het is dus een wisselwerking, een vacht die niet ‘normaal’ verhaart, maar ook de omstandigheden waarin de honden leven maken dat extra vachtverzorging gewenst is. Zoals je je eigen auto tot in de puntjes kunt onderhouden, je eigen brood kunt bakken, je eigen schilderwerk kunt doen, kun je ook je hond helemaal zelf onderhouden. Het vergt tijd, het vergt handigheid en je moet investeren in goede gereedschappen. Het kán. Maar het hoeft niet. Brood koop je bij de bakker en je auto gaat naar de garage. Een samenwerking is het mooist; vul zelf de ruitenvloeistof bij, maar laat het grote onderhoud bij de expert doen. Een fijne relatie met een trimmer is dus een must én een plezier. Samen kun je overleggen wat er in jullie specifieke combinatie mogelijk is. Zelf oogjes en voetjes bijknippen? Geen probleem! We leren je meteen het sanitaire gebied ook bijhouden. Wekelijks een bad- en borstelbeurt in de salon? Geen probleem. Als baasje neem je dan vooral de boswandelingen voor je rekening. Kam- en borsteladvies nodig? De trimmer zal graag, en meestal gratis, met je aan de slag gaan. Samen kijken of het gereedschap geschikt is en de borsteltechniek onder de loep nemen. Ook advies over de borstelspray en de te gebruiken shampoos wordt graag gedeeld. Een goed onderhouden Doodle is voor iedereen een plezier!

‘Vachtwissel’

Tot de Doodle een maand of acht is lijkt het hiervoor geschetste beeld een ver-van-je-bedshow. De kam vliegt door de vacht, de hond is zo droog en dat beetje modder valt er ook vanzelf uit. Wanneer de vacht begint te veranderen lijken de klitten er wel in één nacht ingekomen te zijn! En de hond begint zich onmogelijk te gedragen. Dat laatste is wel logisch want aan klitten trekken met een kam is niet lollig voor het dier en hij zal zich proberen te onttrekken. Dit moment kómt, bij iedere Doodle. Altijd. Wees voorbereid!

Van dag tot dag

Na iedere regendag, na ieder uitstapje in de uiterwaarden of aan het strand moet de vacht verzorgd worden. Soms is ‘alleen blazen’ met de waterblazer voldoende. Vaker zal, bij een langere vacht, een hele badbeurt aan de orde zijn. De vacht goed reinigen, nabehandelen met een crèmespoeling en daarna drogen met de blazer en een staande föhn. De laatste maakt het mogelijk dat je, terwijl je droogt, ook de vacht kunt borstelen. Trek er gerust een paar uurtjes voor uit. Als ‘tegenprestatie’ ruikt de vacht meestal niet en zal je geen losse haren onder de bank of op het tapijt vinden. En natuurlijk de heerlijke doorwoelbaarheid van de vacht. Daar kan weinig tegenop. Kies je voor een beetje doorwoelbaarheid dan is een twee of drie centimeter lange vacht ook fijn. De tijdsduur van het onderhoud na de wandeling zal dan zomaar halveren. Je mag die keuze maken.

Niet pijnloos

Wanneer het allemaal zo makkelijk is, waarom zien trimmers dan toch zoveel geklitte vachten die alleen maar gebaat zijn bij gladscheren? Echt, pijnloos ontklitten is onmogelijk. Sommige mensen kunnen ontklitten zonder de hond te laten piepen, maar ook dan is het niet pijnloos. Een klit heeft, door het trekken aan de huid, al een beurse/blauwe plek gemaakt in de opperhuid. Door aan diezelfde haren nog eens met een borstel te gaan trekken maak je dat echt alleen maar erger. Wees lief voor je Doodle en laat de geklitte vacht afscheren. Geef de huid de ruimte om te herstellen en begin aan een nieuwe ronde. Elke hondvriendelijke trimmer zal je dit advies geven. Omdat zij verstand van huid en vacht hebben én omdat ze van honden houden. Neem hun advies ter harte! Na deze eerste stap heb je alle ruimte voor een nieuw begin. Je kunt je verwachtingen eventueel bijstellen, misschien was de lengte te veel gevraagd? Heb je toch niet zoveel tijd om aan het onderhoud te besteden? Of ga je een ander borstelregime aanhouden, vaker naar de salon, vaker op de eigen tafel. Alles kan en mag, je Doodle blijft wie hij is, ongeacht het kapsel.

Vacht en zomer

Heeft je Doodle het warm in de zomer door zijn vacht? Ja, dat kan. Zware dichte vachten zonder klitten vormen ook een isolerende laag waardoor de warmte van het lichaam minder makkelijk afgevoerd kan worden. Om over een geklitte vacht nog maar te zwijgen natuurlijk, dat is meer een soort pantser. Ook de Doodle heeft in de zomer profijt van een wat korter kapsel. Er kan meer lucht tussen de haren en tot op de huid komen en het drogen na een welverdiende zwempartij is minder tijdrovend. Je doet jezelf én je hond hier een plezier mee. 

Kies een kapper

Met wie ga je de relatie over de vachtverzorging van je Doodle aan. Dat is nogal een dingetje. Vaak wil de trimmer rustig werken en daarom graag alleen met de hond zijn. Maar je moet je dier dan wel achterlaten … Vertrouwen is dus heel belangrijk. Selecteer de trimmer dus niet op prijs of snelle beschikbaarheid, er moet meer aan vastzitten. Vraag rond, op verjaardagen, maar vooral ook tijdens je wandeling in het park. Welke honden vind je mooi verzorgd, ongeacht het ras. Spreek die mensen eens aan en vraag naar hun bevindingen. Uit hun verhalen filter je al snel die dingen die jou aanspreken. Zoals: is een trimmer kordaat of heel lief? Legt ze (de mannelijke trimmers zijn in de minderheid) dingen goed uit en kun je ook tussendoor terecht voor kleine klusjes als oogjes vrij knippen? Goedkoop is misschien duurkoop, maar de duurste is ook niet zomaar ‘de beste’. Degene die jouw wensen kan vertalen naar het kapsel van de hond én die de hond vertrouwen geeft op de trimtafel, dat is de kapper voor jullie. Nederland heeft zo’n 5000 trimsalons, België anderhalf keer zoveel. Er is altijd een passende match.

Deel bericht

Share on facebook
Share on print
Share on email
Bekijk ook

De winkels zijn dicht, wat nu?

Neem een voordelig abonnement!

De lenteactie! Neem nu een 2-jarig abonnement en betaal €68,95,- in plaats van €112,-!

Een magazine vol prachtige hondenrassen, inspirerende artikelen, tips en meer.