Schermafbeelding 2020-06-24 om 14.46.00

Historisch portret: de Border Terriër

In oude geschriften, documenten en boeken of op prenten en schilderijen is de geschiedenis van honden vastgelegd. En ook het werk dat ze doen. Meegaan op jacht, het drijven en hoeden van een kudde, het bewaken van huis en haard en het gezelschap houden van de mens. Elke maand gunt ONZE HOND de lezer een inkijkje in de rijke historie van een rashond. Deze maand: de Border Terriër.

de Border Terriër

Rond 1805 beeldt Sydenham Edwards terriers af in ‘Cynographia Britannica’. De geschiedenis van vrijwel alle terriër is al vroeg vastgelegd. De benaming terriër vinden we al in het boek ’De Canibus Britannicus’ (’Over de Britse honden’) van Dr. Joannis Caius, dat in 1570 verschijnt. Daarin lezen we: Another sorte there is which hunteth the Foxe and the Badger Or Greye onely, whom we call Terrars, because they creepe into the grounde ... (Een ander soort zijn degenen die alleen op de vos en de das of de grijze das jagen en die we terriers noemen omdat ze onder de grond kruipen …)

Het boek van Caius is vanuit het Latijn in het Engels vertaald en dat betekent dat er op grote schaal kan worden kennisgemaakt met de terrierrassen in Groot-Brittannië. Het woord ‘Terrars’ in Caius’ tekst betekent ‘aardhonden’ ofwel: de honden die onder-gronds werken. Bijna een eeuw eerder, in 1486, publiceert de abdis van een klooster in Sopwell, Dame Juliane Berners, het ‘Boke of St. Alban’, waarin ook ‘teroures’ voorkomen.

Deel bericht

Share on facebook
Share on print
Share on email
Bekijk ook