Schermafbeelding 2019-10-30 om 11.12.55

Ademhalingsproblemen bij kortsnuitige honden

Dierenartsen worden tegenwoordig veelvuldig geconfronteerd met ademhalings-problemen bij kortsnuitige honden. Veel van deze honden lijden dusdanig dat een, vaak zeer riskante, operatieve ingreep noodzakelijk is om ze letterlijk meer lucht te geven. Dierenarts Walter Strikkers geeft een overzicht van aandoeningen die veel voorkomen en de behandelmogelijkheden.

 

Rassen

De rassen waar we het hier over hebben zijn de bekende rassen zoals de Engelse en Franse Bulldog, de Mopshond, de Boston Terrier en de Pekingees. Dit zijn de rassen waar we als eerste aan denken, maar de klachten komen ook voor bij de Shih Tzu, Griffon Bruxellois, Belge en Petit Brabancon, Japanse Spaniel, Affenpinscher en King Charles Spaniel. De rassen die vaak worden vergeten zijn de Chow Chow, Bordeaux Dog en Engelse Stafford (Bully type). Ook niet erkende rassen zoals de American Bully kunnen vanwege onderstaande oorzaken ademhalingsproblemen hebben.

 

Verschijnselen

Sommige jonge honden worden voor onderzoek aangeboden met verschijnselen van doorlopende verkoudheid. Er komt echter geen snot uit de neus, maar helder waterig vocht. Bij doorvragen blijkt dat deze honden vaak ook moeilijk met hun mond dicht kunnen slapen. Sommige honden nemen een speeltje in de bek en vallen daarmee in slaap.Het meest frequent worden we geconfronteerd met dieren die een bijgeluid bij de ademhaling hebben, dat toeneemt of alleen aanwezig is bij inspanning. Dit laatste is ook logisch, want bij inspanning wordt er door het lichaam meer zuurstof gevraagd en dient het lichaam zich meer te koelen. De ademhalingsorganen bij de hond zijn hiervoor gemaakt. Andere verschijnselen van ademhalingsproblemen zijn frequent braken of slijm opgeven bij inspanning. De hond slikt lucht in, dit geeft irritatie van de maag en daardoor gaat de hond frequent braken, dan wel slijm opgeven.

 

Oorzaken

Was er sprake van één oorzaak dan zou het simpel zijn om de oorzaak te voorkomen, of foktechnische maatregelen te nemen om de oorzaak te bestrijden. Het is echter een scala aan oorzaken dat tot de ademhalings-problemen leidt. Dit is dan ook de reden dan we het een syndroom zijn gaan noemen: BOAS (Brachycephaal Obstructive Airway Syndrome). Dit betekent dus ook dat we naar de totale hond moeten kijken om de oorzaak te vinden bij de desbetreffende hond. Hierbij dienen we niet te vergeten dat we ook het gewicht van de hond moeten beoordelen. Veel kortsnuitige honden hebben aanleg voor overgewicht. Als een hond te zwaar is, betekent dit dat er meer zuurstof nodig is wanneer het lichaam om meer koeling vraagt. De ademhalingsorganen zullen dus zwaarder worden belast. Als we een opsomming maken van de mogelijke oorzaken en we beginnen aan de voor-zijde van de hond te kijken en laten de verschillende facetten die verantwoordelijk zijn voor BOAS de revue passeren, dan komen we als eerst natuurlijk bij de neus. De neusopening (zie figuur 1) dient voldoende ruim te zijn zodat de hond door zijn neus kan ademen. We dienen te realiseren dat de hond zijn neusgat actief open kan zetten. In rust (slapen thuis of onder sedatie) is het beeld van de opening van de neus het meest betrouwbaar te beoordelen. Als een hond ouder wordt, kan het zijn dat de neusvleugels minder flexibel worden en dat de passage van lucht door de neus af begint te nemen. Het zijn natuurlijk niet alleen de neusgaten, maar ook de neusgang (in de schedel) die van belang is. Is de neus van de hond zeer kort, dan is de kans erg groot dat er weinig/geen passage van lucht plaats kan vinden door de neusgang en dat er daardoor minder makkelijk met de bek dicht geademd kan worden. De ruimte achter in de keel dient groot te zijn, want hierdoor kun je makkelijker ademen tijdens het eten en drinken. Juist bij kortsnuitige honden is deze ruimte soms erg beperkt. Een Engelse Bulldog kan dat nog gedeeltelijk compenseren door zijn bek verder open te doen, maar een Mopshond zal in de regel zijn bekje niet ver kunnen openen door de bouw van de kaak en kan de kleine ruimte dus helaas niet compenseren.Het zachte verhemelte (palatum molle, zie figuur 2) kan verlengd zijn bij kortsnuitige honden. Dit geeft hinder tijdens het ademen en veroorzaakt het typisch snurkende geluid. De lengte en dikte van het verhemelte kan erg variëren van hond tot hond. Hoe dikker en hoe langer, des te meer obstructie.Het strottenhoofd (larynx, ziefiguur 3) is een belangrijk orgaan. Het sluit zich bij het slikken en voorkomt op deze manier verslikken bij zowel mensen als dieren. Wanneer het lichaam meer zuurstof of koeling nodig heeft, zal het strottenhoofd zich openen om een maximale luchtstroom te realiseren. Zodra het strottenhoofd niet optimaal functioneert, spreken we van larynxcollaps. Deze aandoening delen we in mate van ernst in tussen graad 1 (laag) en 4 (zeer hoog). Waar we bij de Engelse Bulldog vaak graad 1 tegen komen, zien we bij de Mopshond en Franse Bulldog vaker graad 2 of 3.De luchtpijp (trachea) is verantwoordelijk voor de luchtstroom tussen strottenhoofd en de longen. Zodra de luchtpijp niet goed van bouw is, wordt de luchtstroom gehinderd/belemmerd tussen het strottenhoofd en longen. De luchtpijp kan op meerdere manieren slecht gebouwd zijn. De wand kan verdikt zijn en de in de luchtpijp aanwezig kraakbeenringen kunnen over elkaar heen vallen (hypoplasie van de trachea, zie figuur 5). Dit beeld zien we vaak bij de Engelse Bulldog, zelden bij de andere rassen. Bij de andere kortsnuitige rassen zien we vaak dat de kraakbeenringen elkaar niet in het midden raken, maar dat ze of niet mooi rond zijn, of open staan waardoor het verbindingsstuk (dorsale membraan, zie figuur 4)) ver doorhangt en bij inademing vaak naar beneden wordt getrokken waardoor de doorgang van de luchtpijp sterk wordt gereduceerd.

 

Behandeling

Het is van de oorzaak afhankelijk of een operatieve ingreep zinvol zal zijn en of de ademhalingsproblemen geheel of grotendeels opgelost kunnen worden. Neusgaten kunnen gecorrigeerd worden. Hierbij moet kritisch gekeken worden of het enkel de schelp is die naar binnen valt, of dat ook het kraakbeen, wat juist achter de neusschelp, zit vernauwd is. Mocht dit laatste het geval zijn dat dient dit ook gecorrigeerd te worden. Een te lang en mogelijk verdikt verhemelte kan ingekort worden, waardoor er geen blokkade meer aanwezig is voor het strottenhoofd.Het ruimer maken van de keel als geheel is natuurlijk niet mogelijk. Mochten de amandelen (tonsillen) vergroot zijn, dan is het zinvol om deze te verwijderen.Het strottenhoofd is een structuur die bestaat uit kraakbeen. Wanneer er sprake is van larynxcollaps, betekent dit dat het strottenhoofd niet meer de normale vorm heeft en niet meer de ‘kracht’ heeft om de normale stand aan te nemen. Een operatie is helaas niet mogelijk zonder het risico te lopen op ernstige complicaties. Indien een luchtpijp dysplastisch is, dan is deze meestal dysplastisch over de hele lengte. Dysplas-tisch betekent dat de luchtpijp verkeerd gebouwd is. Hierdoor is operatief ingrijpen in de luchtpijp vaak niet mogelijk. Met medicatie is het mogelijk de luchtpijp te ondersteunen, soms moet deze medicatie levenslang gegeven worden.Het braken en slijm opgeven wordt vaak minder als de luchtwegen weer beter functioneren en er dus minder lucht wordt ingeslikt. Afhankelijk van de ernst en de mate van klachten kan er na de operatie worden gekozen voor het geven van medicatie om de maag tot rust te brengen. Mits de slokdarm en maag normaal gebouwd zijn, is een tot twee maanden medicatie vaak voldoende.Gewichtsoptimalisatie hoort ook in de rij van behandelingen. Juist de kortsnuitige honden hebben aanleg voor overgewicht, dus optimalisatie van de hond is niet altijd eenvoudig. Dieet-voeding is soms de enige weg om de hond te laten afvallen.

 

Preventie

Door naar de hele hond te kijken en niet enkel te focussen op één aandoening is het mogelijk om van BOAS symptomen af te komen. We zullen moeten accepteren dat het beeld van een ras niet gelijk blijft aan het beeld zoals we dat nu gewend zijn. Wanneer we kijken naar hoe kortsnuitige honden er aan het begin van de vorige eeuw uitzagen, zien we duidelijk kortsnuitige honden, maar met meer neuslengte en een gewone brede schedel i.p.v. een extreem brede schedel. Daar-naast hebben ze meer hals, meer lengte in de rug en meer beenlengte en geen overgewicht! Qua karakter kun je de honden op de oude foto’s niet beoordelen, maar ik neem aan dat ze ook zo leuk zijn geweest als onze huidige kortsnuitige honden, maar dan wel ‘fit to function’.

Deel bericht

Share on facebook
Share on print
Share on email
Bekijk ook