Airedale terrier

Airedale Terrier

Twinkelogen en een pretbek

Een goed verzorgde Airedale Terrier is een statige hond om te zien. Zelf maalt hij daar niet zo om, want die waardigheid schudt hij met gemak van zich af als hij een jolige bui krijgt. Met twinkelogen en een lachende pretbek kan hij de vreemdste capriolen uithalen. Soms om aandacht te trekken, soms gewoon omdat het leven te leuk is om in te dutten. De Airedale is altijd te porren voor een spelletje en blijft die speelsheid vaak tot op hoge leeftijd behouden.

De Airedale Terrier is een betrekkelijk jong ras dat is ontstaan in het zuidwestelijk deel van het graafschap Yorkshire in Engeland. Daar meandert door het dal van de Aire het riviertje de Aire. In de rivier huisden heel wat otters, een diersoort waarop in vroeger tijden volop
werd gejaagd, omdat otters nogal wat schade toebrachten aan de visstand. Tijdens de jacht op de otters werd voornamelijk gebruik gemaakt van Otterhounds. Deze honden waagden zich echter liever niet in de holen die otters graven en die hun ingang onder de waterlijn hebben. Men had dus honden nodig die meer bravoure en vasthoudendheid bezaten dan de Otterhounds. De arbeiders uit Leeds en omgeving begonnen de Otterhound te kruisen met diverse Terrierrassen. Welke dat precies waren is onbekend, maar er zijn wel theorieën over. Zo wordt verondersteld dat onder andere de Old English Brokenhaired Black and Tan Terrier, de Bull Terrier en misschien de Bedlington Terrier en/of de Ierse Terrier hun bijdrage hebben geleverd aan de totstandkoming van de Airedale Terrier, maar het blijft giswerk. Zeker weten doet niemand het.

Moedig en vasthoudend

De kruisingen tussen de diverse Terriers en de Otterhound stonden onder verschillende namen bekend. Zo werden ze onder andere Working Terriers, Waterside Terriers, Bingley Terriers en Warfedale Terriers genoemd. Pas in de jaren tachtig van de 19e eeuw kreeg de hond de naam Airedale Terrier en in 1986 werd het ras erkend door de Kennel Club. Hoewel met de erkenning de showcarrière van het ras een aanvang nam, was de Airedale Terrier lange tijd voornamelijk een echte werkhond. Zijn carrière startte hij natuurlijk met de jacht op otters, maar er is vrijwel geen wild geweest waar de Airedale niet op gejaagd heeft. Wilde zijnen en herten in zijn vaderland, in Canada beren en wolven en in Kenia leeuwen. Deze hond met zijn moedige karakter en de vasthoudendheid van een Terrier kon het allemaal. Als een van de weinige Terriers voelt hij zich uitstekend op zijn gemak in het water, ongetwijfeld een erfenis van de Otterhound. Hij apporteerde  aangeschoten wild, beschikte over een meer dan uitstekend reukvermogen en voelde zich beslist niet te goed om ook klein gedierte, zoals ratten en muizen te vangen.

Koning der Terriers

Tijdens de Eerste Wereldoorlog werd de Airedale door het Britse leger ingezet om berichten over te brengen van loopgraaf naar loopgraaf. Ook hielpen de honden bij het zoeken naar gewonden. Er was zelfs een legerkorps dat uitsluitend uit Airedale Terriers bestond. Zowel in Duitsland als Engeland heeft de Airedale een tijd dienstgedaan als politiehond. Door zijn formaat en temperament was hij ook prima geschikt voor het waak- en verdedigingswerk. Toch kwam de Airedale steeds meer in de kijker te staan als huis- en showhond. Het is zelfs een poosje het populairste ras van Verenigde Staten geweest. De Airedale Terrier is met recht een allrounder te noemen. Zijn kwaliteiten als werkhond, in combinatie met zijn formaat heeft dit ras de eretitel ‘Koning der Terriers’ opgeleverd.

Lees het volledige artikel in Onze Hond nr.7. Bestel hier 

Tekst: Jolien Schat | Foto’s: Alice van Kempen

Deel bericht

Share on facebook
Share on print
Share on email
Bekijk ook